galerie
100

Expo van de maand

De mythologische wereld van Dilip Nankoe

schilderijen in acryl

De mythologische wereld van Dilip Nankoe

door Aja Waalwijk

Dilip Nankoe (1962) woont en werkt in de Spaarndammerbuurt. Tot begin maart is er een overzichtstentoonstelling van zijn werk in Zaal 100; schilderijen in acryl, bevolkt door reuzen, elfen, engelen, duivels, goden en godinnen. Er is ook veel water en er zijn eilanden die weer eilanden in zich dragen.

Hij heeft god twee keer gezien. Een keer kwam deze vanachter een wolk tevoorschijn, de tweede keer manifesteerde hij zich in de kruin van een boom in het Westerpark. Dilip heeft het over Ganesha, de Hindoestaanse god met het olifantenhoofd. Voor hem waren de verschijningen het bewijs dat deze nog steeds leeft. Om die reden zijn op bijna al zijn schilderijen olifanten afgebeeld.

Op een van de doeken draagt Ganesha, wadend door een meer, een vrouwelijke engel in zijn armen. Ze gaan richting Maagdeneiland, waar meerdere engelen hen opwachten, naast een sombere man. Als ik vraag wat die man op het Maagdeneiland doet, antwoordt Dilip dat deze figuur al geschilderd was voordat hij het idee van het Maagdeneiland ontwikkelde. Hij schildert keer op keer over de voorstellingen heen, tot een definitief resultaat is bereikt. Een maand daarvoor, toen ik het doek voor het eerst zag, was er ook een groep witte mannen in een boot zichtbaar. Dilip vond het te druk. Op de oudste foto is alleen Ganesha nog herkenbaar. Zo gaat het met al zijn werk. Wat op een ander schilderij eens een vrouw stond, staat nu een kasteel. Waar eens een berg stond staat nu een tempel.

Een van de doeken wordt gevuld door een bolvormig object, met daarbinnen stapelingen van galerijen en doorkijkjes. De bol landt op een meer in een berggebied; het water spat omhoog. Voor Dilip representeert de bol het huis van de ufo. De ufo zelf is een gele schijf, zichtbaar aan de horizon. Soms zijn de details zo klein, dat hij er een loep bij moet houden. Hij wijst mij op een grot waarin holbewoners zitten, waaronder een moeder met kind. Als er meerdere verhalen door elkaar lopen, noemt hij dat het twee in één.

Op een van de doeken is een vrouw afgebeeld. Dilip wijst mij op een wat voorovergebogen figuur op de achtergrond, die hij 'de zoon' noemt. Op de voorgrond staat 'de moeder', die kijkt alsof ze zeggen wil: 'Ik hou je in de gaten'. De zoon loopt naar een bergrug toe die de horizon vormt. Daarboven een vliegende vis met een slangenkop. Wat ik als een druipend oog opvat, blijkt een olifant die achter een gorilla zit, die weer achter een ander dier staat. Wat torens lijken, blijken staande figuren of kolibriesnavels. Hoe diep kun je kijken? Een avontuur voor het oog.